over ons      Forum     mailgroep

   
   
   

De website voor en door mensen met factor V Leiden

      1. Stollingsafwijkingen
          1.3. Stollingsfactoren
 1.3.1. Factor I

Wat is Factor I?

Synoniemen voor Factor I zijn fibrogeen of trombine. Factor I is een stollingseiwit die een ‘remfunctie’ heeft in ons stollingssysteem. Dat wil zeggen: Factor I is een inactieve factor die geactiveerd wordt als het stollingssysteem een beschadiging in de vaten herkent. Bij het activeren van Factor I stopt een bloeding op het juiste moment (de remfunctie).


Wat is de werking van Factor I?

Bij weefsel (ader) beschadiging komt eerst Factor III in werking. Deze geeft factor I de opdracht om trombocyten (kleine bloedcelletjes) in ons bloed uit elkaar te doen laten vallen in duizenden kleine draden. Dit net van draden zwemt dan naar de beschadiging toe om daar een stolling (of te wel plug of korstje) om de beschadiging heen te vormen. Dit is de allereerste poging (meestal succesvol) van ons stollingssysteem om een bloeding te stoppen. Factor I is één van de krachtigste en daarmee ook één van de belangrijkste stollingfactoren.


Als er toch iets mis gaat in deze procedure?

Als de fibrogeendraden overbodige stolsels vormen bij een beschadiging, dan is trombose het gevolg. Worden er te weinig stolsel gevormd (of een plug of korstje) dan is een bloeding het gevolg.


Hoe belangrijk is Factor I?

Factor I is dus heel belangrijk als begin van ons bloedstollingsproces. Maar een verstoorde werking van Factor I betekent niet automatisch dat er iets fout gaat. Als er verder geen stollingsproblemen zijn dan is ons bloedstollingsproces in staat om vanuit een andere stollingsfactor trombine te vormen. Via een andere route is trombine dan toch in staat om bij een beschadiging te komen en dan zo een stolsel te vormen en de beschadiging (bloeding) te stoppen. Pas als er meerdere problemen in ons bloedstollingsproces zijn, krijgt Factor I het zwaar. Als Factor I niet helemaal goed werkt, wordt het niet of maar deels geactiveerd. Een bloeding of een trombose is dan het gevolg. Bij een inactieve factor, zoals Factor I, is het soms veiliger dat het zijn werk helemaal niet kan doen, dan dat het deels geactiveerd wordt. Bij een totale weigering van één inactieve factor slaat ons systeem een paar passen over en activeert een andere factor die ook trombine aanmaakt.


Inhoudsopgave Trefwoorden

Belangrijk: Deze site is gemaakt door en voor dragers van stollingsafwijkingen. Er kunnen derhalve geen rechten aan deze informatie worden ontleend. Ga met gezondheidsklachten altijd naar je behandelend arts.